top of page

Tekst Michael van Hoogenhuyze - Badgasten

"Badgasten", een Olympus in de Haagse zeeheldenbuurt,

 

Sharon van den Berg, kunstenaar van de schoonheid in het absurde.  

 

 

Om de absurditeit van een moderne wereld van vreemde voorwerpen en apparaten uit te drukken heeft Lautréamont, in zijn "Les Chants de Maldoror" uit 1869, schoonheid al omschreven als "de ontmoeting van een paraplu met een naaimachine op een operatietafel". Het is de absurditeit van een verzameling dingen die als in een rebus nieuwe betekenissen genereert, een proces dat vanaf dat moment niet kan stoppen, vanwege de ontbrekende logica; er is geen verklaring voor die absurditeit, dus keer je er steeds naar terug, letterlijk of in gedachten. Als je het raadselachtige van zo'n situatie tot je door laat dringen zie je uiteindelijk overal dergelijke paradoxen optreden. Dat is de werking van het oeuvre van Sharon van den Berg. In reeksen van schilderijen en tekeningen roept ze ons op de absurditeit van de wereld te zien en ervan te genieten. Genieten, want Sharon van den Berg zorgt er voor dat al haar werk er zorgvuldig gerealiseerd en mooi uitziet. 

 

Melancholieke resten van een mislukte moderniteit, zo is ook de collectie van polaroids van haar vader te beschouwen. Een foto is op zich al een melancholisch ding. Een foto spreekt uit dat deze getoonde situatie nooit meer letterlijk terug zal komen. Door iets te vereeuwigen wordt juist benadrukt dat die situatie voor altijd voorbij is. Dat nostalgische element wordt nog versterkt door het feit dat het een polaroid foto is. Het is een techniek die bij verschijnen de belofte van een nieuwe tijd leek en voor de nieuwe gebruiker pure magie was. Maar inmiddels kan de polaroid al lang gerekend worden tot verouderde vernieuwing, zoals de transistorradio, de walkman of de draagbare telefoon. 

 

Sharon heeft er zich op toegelegd om aan deze teruggevonden verzameling een schilderkunstig commentaar te verbinden. Dat commentaar is nuchter en direct. Ze heeft de polaroids nagetekend met potlood. Meer dan 250 tekeningetjes van gebeurtenissen uit de jaren zeventig. Of juist geen gebeurtenissen?

 

Want wat is het geval. De vader van Sharon speelde een rol in de popscene van Den Haag. Als Rudy Bennett was hij zanger van popgroep The Motions, een band opgericht in 1964, en kort daarna een nationaal succes. Het huis van de familie Van den Berg was een belangrijke plek voor allerlei vrienden, familieleden en ook mensen uit de popscene om op bezoek te komen. Haar moeder sprak enigszins spottend van 'badgasten', de benaming voor verwende en profiterende toeristen in de badplaats Scheveningen. Zij was kapster en dat bleef ze ondanks het totaal andere leven van Rudy Bennett als popster. Terwijl de Haagse popscene op bezoek kwam, was de moeder van Sharon altijd wel bezig met het verzorgen van iemands haar; van vrienden of familieleden. Zo was de situatie. Voortdurend kwamen er mensen over de vloer, drinkend, rokend en wat al niet gebruikend, daarbij zittend en wachtend op wat er komen gaat of wie er nog meer op bezoek zou kunnen komen. De hele situatie van zittende en wachtende mensen, op zoek naar een spannend leven, waarvan het maar de vraag is of dat echt gaat komen, dat is wat er met die 'badgasten' aan de hand is. Daar doorheen liep Rudy Bennett en maakte voortdurend polaroids die vervolgens zorgvuldig bewaard werden. Deze polaroids laten alle betrokkenen zien in meestal toevallige maar ook wat onhandige poses. We weten hoe mensen steeds gemakkelijker in staat lijken te zijn te acteren op het toneel van het dagelijks leven. Met de ontwikkeling van de media, met als laatste loten de smart phone, waarmee je kunt fotograferen en de resultaten op Facebook kunt plaatsen, is die vaardigheid sterk gegroeid. We dachten dat de onwennigheid voor de camera vooral in de negentiende eeuw waarneembaar was. Maar nu zien we dat zelfs nog in de jaren zeventig mensen niet weten hoe ze van hun leven een boeiend toneelstuk kunnen maken.  

 

Sharon maakt tekeningen naar de onhandige foto's, gemaakt van momenten dat mensen vergeefs op het meeslepende leven wachten. Die tekeningen lijken op het eerste gezicht een beetje bits zoals we kennen van de naoorlogse 'Haagse school'. Ik bedoel daarmee de stijl van de Haagse figuratieve schilders uit de jaren zeventig, meestal met een diploma van de Koninklijke Academie, geïnstrueerd door kunstenaars als Co Westerik of Herman Berserik . Meestal zijn het alledaagse, niet bepaald verheven, situaties. De figuren hebben vaak verhoudingsgewijs iets te grote hoofden. Maar bij nauwkeurige beschouwing blijken de tekeningen van Sharon nog een andere laag te hebben. Ze zijn gemaakt met heel veel zorg en aandacht voor detail en vooral voor de subtiliteiten in de gelaatsuitdrukking. Door die aandacht is het een eerbetoon aan een bepaalde tijd en een kring van mensen geworden. 

 

En zo ontstaat een ironische stapeling van intriges. Rudy Bennett, vriendelijk en gastvrij, fotografeert met plezier alle bezoekers van zijn huis, familieleden, vrienden en collega-muzikanten. Zijn vrouw ziet er het betrekkelijke van in en noemt het gezelschap spottend 'de badgasten' en laat zich niet afleiden in haar bezigheden als kapster. Daar liep Sharon tussendoor als een klein meisje. Nu vele jaren later geeft ze een commentaar op die gebeurtenissen. De personen zijn allemaal min of meer hetzelfde: Het zijn gewone mensen in huiselijke situaties, een beetje verlegen, toch wel poserend, ook al is het niet een echt belangrijke situatie. Haar commentaar is, ook weer licht ironisch, een spel. De spelregel is dat alle foto's aandacht krijgen, bestudeerd en getekend worden, op hetzelfde formaat, en getoond in reeksen. Daardoor ontstaan uniformiteit en massaliteit. Tegelijkertijd is het een kunstwerk dat je kan bekijken als installatie, of van dichtbij, als een grote reeks kleine tekeningen.  

 

Het is een verslag geworden van de jaren zeventig, van haar jeugd. Maar de reportage werkt ook als een metafoor. De goden van de popscene zitten bij elkaar op de bank, wachtend op het grote wonder. Een beetje zoals de Griekse goden op de Olympus zich vervelen. Ze leiden een leven vol van intriges. Ze zijn onsterfelijk, met als gevolg dat er geen hiërarchie van waarden meer is. In een chaotisch samenzijn ontwikkelen zich allerlei affaires, ruzies, liefdes en familiegebeurtenissen. De chaos van die groep personen, dat is de chaos van de Olympus die in de visie van de Oude Grieken bepalend was voor hun leven. Wij kunnen nu 'clandestien' een beeld krijgen van de oorzaken van die chaos, een beeld van hoe het toegaat op de Haagse Olympus, een verleden dat nooit meer terugkeert. 

 

Tegelijkertijd is het een uitgebreide studie van de kwaliteit van de polaroid-opname. De foto's zijn geposeerd, maar niet professioneel. Dat is ook nooit de bedoeling geweest. Ze zijn onhandig en statisch tegelijk. Zodra een kunstenaar beelden gaat gebruiken in situaties waarvoor die beelden nooit zijn bedoeld, lijkt een element van 'illegaliteit' of 'diefstal' op te treden. Als het gaat om foto's uit de privésfeer kun je zelfs spreken van een verstoorde intimiteit. Sharon had als aanwezige het volste recht om de beelden uit haar verleden een plek te geven. Maar ons geeft deze collectie de gelegenheid om op te treden als voyeur. Als je haar blog van de badgasten bekijkt, kun je steeds de namen van de gefotografeerde personen vinden. Je hebt de neiging die namen te 'controleren'. Het geeft je het gevoel een voyeur te zijn. Maar uiteindelijk levert die informatie niets op voor de toeschouwer als buitenstaander. 

 

Sharon gebruikt deze beelden om een nieuwe collectie te maken van zinloze, bijna vergeten objecten. Door de aandacht van de kunstenaar en het tonen in een reeks groeit onverwacht toch de betekenis. Alleen, de beelden vormen ook een reeks van objecten, meer dan een beeldverslag. In de beelden zit geen beweging. In die zin houden ze het midden tussen 'kiekjes'  en statige portretten. Het is een eregalerij van een voorbije tijd, maar ook van de jeugd van Sharon van den Berg. Keek ze vroeger tegen die mensen op, letterlijk, en als kind getolereerd in dit bonte gezelschap, inmiddels is ze 'heer en meester', en laat ze deze mensen toe in haar wereld. In die wereld ziet Sharon de schoonheid in het absurde, de onverwachte combinatie van dingen en fragmenten, de melancholie van de belofte van vernieuwing die vroegtijdig aan zijn eind komt, en onzinnige combinaties van taal en beeld. Ze maakt die absurde wereld overtuigend en laat er de poëtische  schoonheid van zien door een grote trefzekerheid en een sterk vermogen om te relativeren. De door haar gevonden beelden worden zo samengevoegd tot een strikt persoonlijke wereld.     

 

Michael van Hoogenhuyze

 

Leiden, februari 2013

bottom of page